Remonstranten

De Remonstrantse broederschap zet zich in voor vrijheid en verdraagzaamheid. Lees meer »

Vrijzinnige Protestanten

Vrijheid van denken en geloven op basis van eigen inzichten en vragen is onze basis. Lees meer »

 

Dáár en daar stonden de koeien...

Vrijzinnig Centrum Vrijburg
door Judith Straub

Toen vorig jaar in dit gebouw een muzikaal feestje werd gegeven, zei één van de optredende bezoeksters: “Het is hier net een Gereformeerde kerk”. Wij omstanders voelden onze blauwe tenen: deze kerk gereformeerd? Maar als je het vanuit een andere invalshoek ziet (een klein groepje mensen en een aparte kerk) dan is het niet zo gek. Zijn we niet een soort AFGESCHEIDENEN? Hebben we misschien een oude boerderij opgekocht en verbouwd? Het zou best kunnen, dat we nu in een boerenschuur zijn. Dáár en daar stonden de koeien achter die kleine raampjes. Hier zitten we op de deel. De hooizolder is uitgebroken en op de plaats van het hooizolderluik is een gebrandschilderd raam gemaakt.raampjes in de kerkzaal

In het woonhuis zijn de kamers veranderd in een kerkenraadkamer en twee lokalen voor het vraagleren. In de melkkelder huist de jongelingsvereniging: op de slaapverdieping zijn kamers verbouwd tot een zaaltje voor de evangelisatie. De zolder, waar de knechts en de meiden sliepen, is nu opslag geworden en ook nog een ruimte voor de
vrouwenvereniging.Dat lijkt toch aardig te kloppen met de clichés die we tegenkomen. Maar zo is het natuurlijk helemaal niet gegaan. Wij zijn niet gereformeerd en de boerderijen lagen aan de Amstelveenseweg.

Toen eind jaren ’20 van de vorige eeuw steeds meer gemeenteleden naar Plan Zuid verhuisden, dat in een razend tempo volgebouwd werd van de De Lairessestraat tot en met de Stadionkade, volgde de kerk haar leden. Na het gemeentelijk Vossiusgymnasium maakte ook de remonstrantse gemeente de sprong over het Zuideramstelkanaal en midden in de crisisjaren werd er een gebouw neergezet op het opgespoten stuk tuindersland tussen het kanaal en de Boerenwetering, alleen bereikbaar via een houten bruggetje.

De architect, die het kerkgebouw ontwierp was J. Roodenburgh, die toen al - op het kruispunt Minervalaan/Gerrit van der Veenstraat - twee interessante woonwinkelpanden had gebouwd. Hij ontwierp een prachtig gebouw met een modieuze gevel, dat toen vaker voorkwam,
ik denk aan de Willem de Zwijgerkerk en de Gereformeerde, jawel, kerk op het Rafaëlplein. Roodenburgh heeft zich echt uitgeleefd op dit
gebouw. In de bakstenen buitenmuren zien we intrigerende vormen gemetseld, vooral goed te zien als de gevelverlichting aan is. Op de hoeken zijn zandsteenreliëfs aangebracht met zinnebeeldige motieven. Van binnen werd de kerkzaal opgemetseld met geglazuurde bakstenen in een doorlopende meanderende band die uitmondt in het kruis op de
preekstoel, een hoogst bewerkelijk patroon. Dankzij de lage arbeidslonen in de crisisjaren hebben wij nu zo’n mooi gebouw.
De verfraaiing van het gebouw werd versterkt door het vele glas-in-lood, niet alleen in de kerkzaal, in de grote en kleine ramen, maar ook in de catechisatiekamers, de predikantenkamertjes, de bovenzaal, de archiefruimte boven, tot in de wc’s toe. Ook in alle deuren zit een klein spiekraampje van glas-in-lood.

Het meubilair in de kerkzaal bestond uit blankeiken banken met klapzittingen, de armleuningen afgewerkt met coromandelhout,
tegenwoordig volstrekt onbetaalbaar.
De kamers werden gemeubileerd met uiterst moderne stalen meubels, ontworpen rond 1930 en afkomstig of beïnvloed door het Bauhaus. Verder stonden er zware eikenhouten tafels, die ook konden dienen als toneelvloer voor het toen zo geliefde lekenspel. Het enige waar men zuinig mee is geweest, was het Avondmaalszilver, dat van tin was gemaakt in een strakke moderne vorm.
Je vraagt je af of het kerkbestuur nog een aai over de bol heeft gekregen van B en W voor deze bouwopdracht, die hielp tegen de
werkeloosheid.

In 1995 besloot de kerkenraad dat dit gebouw toe was aan een renovatie en vond Ineke Dukes bereid om haar ervaring met
monumentenrestauratie hier te gebruiken. Onder leiding van architect Hoogevest ging het van start.
Het gebouw kreeg een moderne infrastructuur, met een keuken, een geëffende doorloop naar de kerkzaal - voor de serveerwagens - een
lift en tal van andere aanpassingen, zoals vernieuwing van de elektriciteit en het sanitair. De moderne kleuren uit 1933: tomaatrood,
cedergroen, en appelgroen keerden weer terug op de deuren.
De banken in de kerkzaal werden vervangen door losse stoelen, ontdekt door Dik Mook.
Het stalen meubilair- rijp voor de voddenboerwerd opgekalefaterd en is nu een duidelijk voorbeeld van het modernisme in het interbellum.
De kamers werden heringericht, het kantoor kreeg allemaal nieuwe meubels, Er kwam een hok voor het kopieerapparaat; de Van
Hillekamer kreeg een designinrichting, grotendeels vervaardigd door de onvolprezen Wim Smits, die tijdens de verbouwing scherp in het oog hield dat er geen kostbaarheden verdwenen of vernield werden.

Tien jaar geleden was het allemaal klaar. Vorig jaar begreep de overheid haar plicht en zette het gebouw op de rijksmonumentenlijst.
Wat dat betreft kunnen we nu dus met een opgelucht hart gaan feestvieren. Weest allen welkom.