De geest krijgen in Istanbul
door Dik Mook
Een kleine groep jongeren bezocht met mij van 1-7 mei Istanbul; een korte impressie.
Istanbul had voor mij altijd een magische klank. En deze 17 miljoen inwoners tellende stad op de grens van Azië en Europa had dan ook al jaren een onweerstaanbare aantrekkingkracht op mij. Zo?n magische uitstraling ontstaat door verhalen, foto?s en beelden. Zo hadden Moskou en New York, Rome en Kiev diezelfde magie? tot dat ik er was, middenin die steden stond, de uitlaatgassen rook en brood kocht in de supermarkt. Op dat moment kijk ik niet meer van een afstand op tegen de onbekende schone, deze koningin, maar ben ik deel van die stad, opgenomen in het dagelijkse leven.
En zo was het ook met Istanbul. Ik las het prachtige boek van Urhan Pamuk over Istanbul, over de geschiedenis van deze machtige stad, keek foto?s en zag de muziekfilm Crossing the bridge. Het waren de aanjagers van de vlinders in mijn buik, de naïeve verliefdheid. En daarmee begon de magie zijn werk te doen. Ik zag mij al middenin de Aya Sofya staan, de kerk uit de 6de eeuw of in de prachtige blauwe moskee op mijn sokken. Maar ik verlangde ook naar de gewone wijken en het contact met de eenvoudige mensen van de straat. En overvarend met een van de honderden veerponten over de Bosporus zou ik genieten van de zon en de honderden moskeeën die zich weerspiegelen in het blauwe water.
En zo was het, bijna precies zoals ik het me had voorgesteld. Maar er was veel meer. Zo bezochten we de Alevieten in hun cultuurhuis. We maakten er een vrouwendansmiddag mee waarbij opzwepende klanken van de zingende saz speler. We spraken er uitgebreid met een engels sprekende vrouw die ons vertelde over de onderdrukking die de 20 miljoen Alevieten ervaren in het door behoudende Soennieten geregeerde Turkije. We bezochten het beroemde Fenerbahce voetbalstadion, stonden er op het veld en spraken met een manager over voetbal in Turkije. Daar is fan zijn van een club, deel er van zijn, je leven doordesemd van die club, een levensstijl, een religieus gevoel als naar de moskee gaan. In een arme volksbuurt bezochten we een project voor vrouwen die door armoede, de vele kinderen en ?moeilijke? mannen in een uitzichtloze situatie zijn beland. Ze maken daar sieraden en gebruiksvoorwerpen en verkopen die. Ze doen een workshop huisinrichten om de ongezelligheid van hun woningen te doorbreken.
Daarnaast was er die dag een kookwedstrijd met een echte jury die een winnares aanwees. Gelukkig was er in het huis een stagiaire uit Hamburg, een tweede generatie Turkse, zodat we veel hebben kunnen spreken over het project. We bezochten ook een christelijke kerk, waar veel buitenlanders komen die in Turkije tijdelijk werken. Zo spraken we een Nederlander die als ingenieur werkte aan de bouw van de tunnel onder de Bosporus. Hij bestempelde problemen met de christelijke kerk niet als een geloofsprobleem maar als een nationalistisch probleem. Buitenlanders wordt geen strobreed in de weg gelegd om hun geloof te belijden, maar als een Turk christen wordt, wordt dat als verraad aan de Turkse staat gezien; een Turk is moslim. Saillant was, dat hij en zijn gezin zendingswerk (zoals zij het zelf noemden) deden onder de moslims in Istanbul?
En ik zag veel hoofddoekjes en zwart gesluierde vrouwen. Maar ik zag ook nauwelijks hoofddoekjes in bepaalde wijken. En vijf keer per dag klonken vanaf de honderden moskeeën de oproepen tot gebed als een alles doordringende kakofonie van klanken. Op een moment stap ik een van de weinige katholieke kerken binnen. Het geeft mij het gevoel in een vreemde wereld te zijn terecht gekomen, in een droomwereld die ik van vroeger ken, het vermoeden me in het verkeerde land te bevinden. Ik loop er snel weer uit, mijn Istanbul weer in. Het is natuurlijk jammer, het magische gevoel dat ik had bij Istanbul te verliezen, dat aureool te zien vervagen. Maar dat verlies is nodig om de schoonheid van de stad te kunnen doorgronden, door te kunnen dringen in het hart van mijn voormalige aanbedene. De aanbedene heb ik veroverd en wordt daarmee mooier in mijn geheugen dan ooit.
Zie ook: fototentoonstelling Istanbul
juni 2006


