In de woestijn

door Sara Dondorp
Wij Nederlanders hebben steeds minder vertrouwen in de medemens. Het Centraal Planbureau heeft daar deze zomer cijfers over gepubliceerd. Alleen christenen - en met name protestanten - vormen hierop een uitzondering.
In juni hoorde ik een lezing van econoom Arjo Klamer met als titel: In God we trust. ‘Op God vertrouwen wij’. Ontleend aan het motto op
Amerikaanse dollarbiljetten. Klamer noemde twee domeinen die van grote invloed zijn op ons maatschappelijk denken. Aan de ene kant
het domein van de markt, waarin het principe van ruil centraal staat. Een principe dat is gebaseerd op wantrouwen. Je geeft iets uit
handen, niet in vertrouwen maar voor geld. Het andere domein is dat van de overheid. Hier staat het principe van wetten centraal.
Een principe dat eveneens gebaseerd is op wantrouwen. Want zonder snelheidscontroles worden we niet vertrouwd ons aan de
maximumsnelheid te houden. In dit licht hoeft het niet te verbazen dat vertrouwen in onze maatschappij steeds moeilijker te vinden is. “Je kunt ook niemand meer vertrouwen tegenwoordig!” We leven in een spirituele woestijn, hoor je mensen vaak zeggen.

Vertrouwen, waar haal je dat vandaan? Daarover gaat het in de teksten die we vanaf september in de diensten in Vrijburg zullen lezen. In het
boek Numeri zwerft het volk door de woestijn. Die zwerftocht zou je kunnen zien als lessen in vertrouwen. Zelfs Mozes, die regelmatig tegenover het volk als spreekbuis van God optreedt, heeft op kritieke momenten last van enig wantrouwen. Als het volk dorst heeft, en God draagt Mozes op tot de rots te spreken, vertrouwt Mozes het niet helemaal. Voor alle zekerheid slaat hij met zijn staf op de rots. Er komt inderdaad water uit de rots, maar Mozes wordt voor zijn wantrouwen gestraft. Hij zal het land van belofte niet mogen ingaan. (Num. 20)
Tegenover het principe van de markt en het principe van de overheid, die beide op wantrouwen zijn gebaseerd, zet Arjo Klamer het principe van de gemeenschap. De oikos - Grieks voor ‘huis’. Het woord oec ervan afgeleid (en ook het woord economie). In een gemeenschap - gezin, vereniging, kerkelijke gemeente of vriendengroep - gaat het niet om ruil of regel maar om loyaliteit en vriendschap. En vriendschap is voor geen geld te koop. (Integendeel, zegt Klamer, als er geld bij komt kijken gaat meestal de vriendschap kapot.) Loyaliteit en vriendschap zijn niet gebaseerd op wantrouwen maar juist op vertrouwen.
Blijkbaar is vertrouwen te vinden in gemeenschap. Maar ook in gemeenschappen is vertrouwen precair. Als er moeilijkheden opdoemen is het vertrouwen zo geschaad. Zeker als het om een gesloten gemeenschap gaat. De vraag blijft: waar haal je dan nog
vertrouwen vandaan?
De woestijn is een prachtig beeld voor een plek bij uitstek waar je nergens op kunt vertrouwen. Dat is dan ook de plek om vertrouwen te leren. Veerig jaar - een hele generatie - trekt het volk door de woestijn,
samen met de God die hen uit Egypte heeft bevrijd. De God die rechtvaardig en betrouwbaar is. Dat soort verhalen, over leren vertrouwen in situaties waar vertrouwen ver te zoeken is, zijn er om mensen te inspireren. Of anders gezegd: vertrouwen begint met het vertrouwen dat God in ons heeft. Want vertrouwen is net als liefde: je kunt het niet afdwingen. Je kunt het wel krijgen, om het vervolgens te kunnen delen. Daarmee begint de weg door de woestijn.
September 2009


