Een bekende melodie

door Margot Brouwer

In een vorige column heeft Jelle al in geuren en kleuren verteld over de kelderreis naar Moldavië van de jonge generatie: een feest van herkenning voor een oude rot als ik. Ook met de ‘oudere jongeren’, inclusief Dik en Margriet, hebben we deze zomer een kelderreis gemaakt. De bestemming was Kirgizië: een voormalige Sovjetrepubliek die tussen de grootmachten Rusland en China zit ingeklemd, waar Lenin (letterlijk) nog steeds op zijn voetstuk staat. Wat dit land extra bijzonder maakt is dat een deel van de Kirgiezen een nomadisch bestaan leidt: ze wonen in ronde tenten (yurts) in het indrukwekkende berglandschap, waar ze paarden en schapen hoeden. Iedereen heeft tijdens de reis wel een nacht doorgebracht in een yurt met nomaden, en steeds werden we weer uitgenodigd worden voor eindeloze theeceremonies door de gastvrije bevolking. Ook hun nationale drank: gefermenteerde paardenmelk, vloeide rijkelijk op al onze samenkomsten. Het enige probleem was taal: niemand van ons kent Kirgizisch of Russisch, en Kirgiezen spreken geen woord Engels. Gelukkig had ik mijn kleine gitaartje (ukelele) meegenomen. Ons gastgezin vond het geweldig toen we ‘s avonds in de yurt voor ze zongen, en in ruil zong hun dochtertje voor ons het Kirgizische volkslied. Zonder taal hadden we opeens intens contact, want muziek verbindt mensen zonder woorden. Daarom hebben we, tijdens het openingsweekend van de Kelder, Jelle’s kantoor leeggehaald om er een muziekruimte van te maken. In plaats van een bureau en kasten staan er nu banken, gitaren en een keyboard. We hopen dat dit ons contact in de Kelder zal versterken: zonder woorden, gewoon door de muziek.

geschreven op 14 oktober 2016

Alle columns